Your browser does not support JavaScript!
Gerda Nothmann

Gerda Nothmann

Op 26 mei 1927 wordt in Berlijn in Duitsland Gerda Lina Nothmann geboren als oudste dochter van Max Nothmann en Adele Ginsberg.

Gerda groeit met haar jongere zusje Vera op in een warm gezin in Berlijn. Vanaf 1933 wordt Berlijn steeds grimmiger: Joden worden vaker slachtoffer van anti-Joodse maatregelen en het leven van familie Nothmann wordt zwaar. Ze proberen weg te komen uit Duitsland, maar dat blijkt onmogelijk. Via via lukt het wel om voor Gerda en Vera tijdelijke visa voor Nederland te krijgen en op 10 juni 1939 vertrekken de twee meisjes, dan 12 en 10 jaar oud, `voor een paar maanden' naar Nederland.

famMozes-4fit

Familie Mozes: Roosje, Salomon, Martha en Katrien

fam.Nothmann-fit

Familie Nothmann, boven vlnr: Max Nothmann, Adele Ginsberg, onder: vlnr: Gerda, Vera

Via Breda naar Tilburg

Gerda en Vera komen op twee verschillende adressen in Breda terecht. Vera heeft het goed, maar Gerda voelt zich erg eenzaam. In februari 1940 kan Gerda terecht bij de familie Deen in Tilburg aan de Pelgrimsweg. Het gezin Deen bestaat uit `Pa', `Moekie', Helga (14) en Klaus (11). Gerda heeft het erg goed bij familie Deen. Ze wordt helemaal opgenomen in het gezin. Ze schrijft regelmatig over haar dagelijkse leven met haar ouders en Vera, die inmiddels weer terug is in Berlijn. Gerda en Klaus lopen elke dag samen naar school in de Korte Schijfstraat, waar ook veel andere Joodse kinderen naar school gaan. Gerda en Klaus bouwen een hechte vriendschap met elkaar op. Ondanks de anti-Joodse maatregelen heeft familie Deen het goed. Ze hebben goed contact met niet-Joden en worden door hen geholpen.

Kamp Vught

Omdat meneer Deen lid is van de Joodse Raad hoeft zijn gezin lange tijd niet op transport. Inmiddels heeft Gerda bericht gekregen dat haar familie in Duitsland wel is gedeporteerd. Zij voelt zich daardoor diep ongelukkig. Uiteindelijk ontkomt ook het gezin Deen op 1 juni 1943 niet aan deportatie naar concentratiekamp Vught. `Moekie' wordt benoemd als kamparts, Gerda wordt aangenomen bij de Philips-afdeling van Kamp Vught. Deze afdeling werkt voor Philips en geniet vele voordelen: zittend werk, extra eten en vooral bescherming tegen transport.

Maar op 2 juli 1943 moet familie Deen naar doorgangskamp Westerbork. Gerda blijft achter. Voor haar is dit afscheid traumatisch: nadat zij eerst deel was van een familie, voelt zij zich nu volslagen en helemaal alleen.

Tilburg

Horst wordt opgenomen in het gezin Mozes, dat bestaat uit Salomon en Katrien en hun dochters Martha (15) en Roosje (12). Op 19 november 1943 wordt Horst zelfs officieel als pleegzoon aangenomen. Salomon werkt als verpleger, Katrien is huisvrouw. Martha gaat naar de Ulo en Roosje gaat naar de Openbare Lagere School in de Korte Schijfstraat. Horst gaat daar ook naar toe, maar lang duurt zijn schooltijd niet.

joodsklasje-8

Joods Klasje

Kamp Vught

Op 28 augustus 1942 vindt het eerste transport van Joden uit Tilburg plaats. Maar het gezin Mozes kan in Tilburg blijven, omdat Salomon lid is van de Joodse Raad en daardoor vrijgesteld van deportatie. Het gezin bespreekt de mogelijkheid van onderduiken, maar Katrien is erg bang en ze besluiten te vertrouwen op de vrijstelling van Salomon. Op 8 april 1943 komt de oproep dat familie Mozes zich toch ook moet melden voor transport. Samen met nog 28 andere Joden uit Tilburg vertrekken familie Mozes en Horst op 9 april 1943 naar concentratiekamp Vught.

Horst komt zonder de anderen terecht in de jongensbarak. Het gezin ontmoet elkaar wel elke zondag. Soms is Salomon er niet bij omdat hij als verpleger werkt in de ziekenbarak.

Sobibor

Op 6 en 7 juni 1943 vertrekken uit kamp Vught twee kindertransporten met alle bijna 1300 kinderen tot en met 16 jaar. Er wordt gezegd dat ze naar een speciaal kinderkamp gaan. Horst en Roosje moeten op 7 juni 1943 op transport en Katrien gaat met ze mee.  De trein rijdt naar doorgangskamp Westerbork en daarna meteen door naar vernietigingskamp Sobibor. Zij komen daar op 11 juni 1943 aan en worden na aankomst meteen vergast. Salomon Mozes gaat pas later op transport vanwege zijn werk als verpleger. Evenals Katrien, Roosje en Horst wordt ook hij vergast in Sobibor op 16 juli 1943. Martha kan in kamp Vught werken bij de Philips-groep. Deze groep is door Philips ingesteld en biedt lange tijd bescherming tegen transport. Ondanks uiteindelijke deportatie en zware beproevingen overleeft Martha, als enige van het gezin, de oorlog.

Transportlijst1943juni8-fit

Transportlijst